Maatschappelijke vragen

Vragen met een sterke maatschappelijke- of andropogene component

Project 857.00.011/012 richt zich juist meer op de riviermondingen en rivierdelta’s. De verwachting is dat, nu door klimaatverandering de kans op overstromingen op veel plaatsen tóch al toeneemt, de rol die natuurlijke delta’s en riviermondingen spelen bij het opvangen van extra af te voeren water, in ernstige mate ingeperkt is. Op grote schaal is door menselijk ingrijpen het karakter van deze vruchtbare en soortenrijke gebieden, en hun hydrologische functionaliteit, in hoge mate veranderd. Vandaar dat zogenaamde ‘flood pulses’ anders, en in de regel minder goed, door het systeem kunnen worden opgevangen. Indien daar bovenop andere (klimaat)veranderingen plaats vinden kan, ook indien die veranderingen gering van aard zijn, een groot effect optreden. De kwetsbaarheid voor overstromingen neemt waarschijnlijk sterk toe en de voorspelbaarheid van overstromingen neemt daarentegen juist sterk af. Met het kanaliseren van veel beddingen is tevens een groot areaal aan soortenrijke wetlands vervallen, die ook hun rol als kraamkamer voor de visproductie niet meer kunnen vervullen. In Noord-Amerika heeft zelfs 90% van de rivierbeddingen de functie van noodoverloop geheel verloren. Dit project beoogt hydrologische kennis over rivieruiterwaarden te combineren met ecologische kennis over soortendiversiteit en het naleveren van natuurlijke resources als vis. Dankzij de resultaten van dit onderzoek kunnen passender maatregelen genomen worden bij ingrepen die de mens doet op rivierbeddingen, of om de nadelige gevolgen van eerder ingrijpen van de mens (deels) te compenseren.

Project 857.00.013 richt zich op het aanpassingsvermogen van menselijke gemeenschappen en samenlevingsvormen in (sub)tropische regio’s waar het bestaan wel heel direct aan water gekoppeld is. Door die strikte relatie leiden veranderingen in de aquatisch-ecologische systemen naar verwachting onvermijdelijk tot veranderingen in het culturele systeem. Onderzocht wordt hoe de perceptie en de ervaring van bewoners ten aanzien van het omgaan met de waterkwaliteit en –kwantiteit verandert ten gevolge van de versnelde veranderingen in de hydrologie en de waterbiotoop. Vervolgens wordt nagegaan hoe de gemeenschap zich aanpast, innoveert of nieuwe samenlevingsstructuren gaat opzetten. Dit onderzoek gebeurt op Oost-Kalimantan (Indonesië), waar, onder meer ten gevolge van grootschalige ontbossing het karakter van de rivier Mahakan als levensader zich in een steeds rapper tempo wijzigt. Het doorgeven van de bevindingen van dit onderzoek aan plaatselijke en nationale autoriteiten alsook aan non-gouvernementele organisaties maakt onderdeel uit van dit onderzoeksproject.

Project 857.00.015 wordt uitgevoerd in Zuid-Amerika en richt zich op de onderhandelingen, strategieën en strijd rond de controle over water. In Peru wordt een nieuw waterbeleid geïmplementeerd dat de mogelijkheden van inheemse irrigatieverbanden om een claim te leggen op water, waarmee ze via irrigatie het bestaan van boeren en andere plattelandsbewoners verzekeren, aan banden legt. In een reactie wordt nu aan reparatieregelgeving gewerkt die ‘waterrechten’ verbindt aan ‘etniciteit’. Dit onderzoek vertrekt vanuit de hypothese dat de relatie tussen etniciteit en toegang tot water niet jusit is. Etniciteit is enerzijds lastig eenduidig vast te stellen. Van het ‘anders’ behandeld worden op basis van etniciteit kan gemakkelijk een precedentwerking uitgaan. Bovendien hangt de waterbehoefte niet samen met ras of afkomst en valt op deze grondslag geen op efficiëntere waterbenutting gericht beleid te ontwikkelen, nu juist het uitgangspunt bij het nieuwe waterbeleid van Peru.

Beide bovenstaande projecten zijn van belang voor het Nederlandse beleid inzake ontwikkelingssamenwerking en ten aanzien van internationale waterbeheersvraagstukken met een sterke maatschappelijke component.